Recidive van jeugdige zedendelinquenten: Poliklinisch behandelden versus niet-behandelden

  • Auteur(s):
    Jan Hendriks, Catrien Bijleveld
  • Show to public:
    Yes

Recidive van jeugdige zedendelinquenten is onderzocht voor 325 mannelijke jeugdige zedendelinquenten, van wie 106 jongens poliklinische behandeling hadden ondergaan. Gemiddeld waren jongeren tussen de 1,5 en 2 jaar behandeld gedurende Één therapie sessie per week. Recidive van deze groep werd vergeleken met die van niet delictspecifiek behandelde jeugdige zedendelinquenten. De kortste exposure-periode voor de totale groep bedroeg 9 maanden en de langste periode 18 jaar. De mediane exposureperiode was 6,5 jaar. Van de totale groep jongens recidiveerde 8% binnen de follow-up periode naar een zedendelict, 20% naar een geweldsdelict en 56% naar enig delict. Voor zedenrecidive bleek dat degenen bij wie de behandeling positief was verlopen significant minder recidiveerden dan niet behandelde daders of daders bij wie de behandeling negatief verlopen was. Telkens bleken afzonderlijke clusters van variabelen voor respectievelijk solistisch opererende kind- en leeftijdgenootmisbruikers samen te hangen met zedenrecidive. De recidivepercentages voor de door ons onderscheiden groepen, namelijk de groepsdaders en de solistische kind- en leeftijdgenootmisbruikers verschilden niet significant. In vergelijking met niet delictspecifiek behandelde jeugdige zedendelinquenten recidiveerden zedendelinquenten van wie de behandeling positief was verlopen ook significant minder naar algemene delicten en geweldsdeIicten.

ISSUES