Tijdschrift voor Seksuologie

Tijdschrift voor Seksuologie

Het Tijdschrift voor Seksuologie is een onafhankelijke uitgave gelieerd aan de Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging voor Seksuologie (NVVS) en de Vlaamse Vereniging voor Seksuologie (VVS). Dit wetenschappelijk kwartaalblad over onderzoek en ontwikkelingen op het gebied van de seksuologie staat open voor Nederlandstalige wetenschappelijke bijdragen over hulpverlening, onderzoek, opleiding en onderwijs, voorlichting en preventie. We zien graag uw bijdrage tegemoet.

Laatst verschenen Artikelen

The development of romantic relationships and sexuality of Dutch adolescents in context: Project STARS

In this introductory article of this special issue, we introduce Project STARS (Studies on Trajectories of Adolescent Relationships and Sexuality), a longitudinal research program on the development of romantic relationships and sexuality of adolescents in the Netherlands, which was conducted between 2010 and 2015, and was funded by the Netherlands Organization for Scientific Research (NWO) and the Fund for Scientific Research of Sexuality (FWOS), as part of the NWO program Youth and Family. The research program consisted of four interrelated sub-projects. In each of these sub-projects, longitudinal data from 1,297 adolescents were used. In addition, several quantitative and qualitative in-depth studies were conducted within each of the sub-projects. In this article, the background, the design and the innovative aspects of Project STARS are discussed.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Maja Deković, Daphne van de Bongardt, Laura Baams, Suzan Doornwaard, Wieke Dalenberg, Ellen Reitz, Judith Dubas, Marcel Van Aken, Geertjan Overbeek, Tom ter Bogt, Regina van den Eijnden, Ine Vanwesenbeeck, Saskia Kunnen, Greetje Timmerman, Paul van Geert
Gepubliceerd in 2016, Volume 40, Issue 4

Ontwikkeling van romantische relaties en seksualiteit van Nederlandse adolescenten in context: Project STARS

In dit inleidende artikel van dit themanummer introduceren we Project STARS (Studies naar Trajecten van Adolescente Relaties en Seksualiteit), een longitudinaal onderzoeksprogramma naar de ontwikkeling van romantische relaties en seksualiteit van adolescenten in Nederland, dat werd uitgevoerd tussen 2010 en 2015 en werd gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Seksualiteit (FWOS) in het kader van het NWO-programma Jeugd en Gezin. Het onderzoeksprogramma bestond uit vier aan elkaar gerelateerde deelprojecten. In elk van deze deelprojecten werd gebruik gemaakt van longitudinale gegevens van 1.297 adolescenten. Daarnaast zijn binnen de deelprojecten verschillende kwantitatieve en kwalitatieve verdiepingsstudies uitgevoerd. In dit artikel worden de uitgangspunten, de opzet en de innovatieve aspecten van Project STARS besproken.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Maja Deković, Daphne van de Bongardt, Laura Baams, Suzan Doornwaard, Wieke Dalenberg, Ellen Reitz, Judith Dubas, Marcel Van Aken, Geertjan Overbeek, Tom ter Bogt, Regina van den Eijnden, Ine Vanwesenbeeck, Saskia Kunnen, Greetje Timmerman, Paul van Geert
  • Show to public No
Gepubliceerd in 2016, jaargang 40, Nummer 4

Developing adolescent sexuality in context: Relations with parents and peers

In this paper, the findings are described of Project STARS sub-project 2, in which a multi-method approach (longitudinal questionnaires, observations, meta-analysis) was used to investigate how different aspects of adolescents’ developing sexuality (behaviors, cognitions, emotions) are related over time to various aspects of adolescents’ relations with parents and peers. The results showed that adolescents who had a better relationship with their parents had less intention to have sex, began having sex at a later age, and also experienced more positive emotions after sex through a higher self-esteem. Although adolescents who frequently talked with their parents about sex were more sexually active later on, the frequency of sexual communication did not affect the sexual intentions of sexually inexperienced adolescents. Adolescents who interacted with peers more frequently, who thought that their friends were more sexually active and that they approved more of having sex, and who experienced more peer pressure to have sex, were also more sexually active themselves, and at an earlier age. Moreover, youth who had more deviant conversations about sex with their friends believed that their peers approved more of having sex, that they were more sexually active and that they had more risky sex. When parents and peers were examined simultaneously, only peers were found to play a role in adolescents’ timing of sexual debut. Frequent communication about sex with parents, however, buffered the effects of sexual peer norms on adolescents’ own sexual intentions. Theoretical and practical implications are discussed.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Daphne van de Bongardt, Ellen Reitz, Maja Deković
Gepubliceerd in 2016, Volume 40, Issue 4

Seksuele ontwikkeling tijdens de adolescentie in context: relaties met ouders en leeftijdgenoten

In dit artikel worden de bevindingen beschreven van Project STARS Deelproject 2, waarin met een multi-methode aanpak (longitudinale vragenlijsten, observaties, meta-analyse) werd onderzocht hoe verschillende aspecten van de seksuele ontwikkeling (gedragingen, cognities, emoties) tijdens de adolescentie over tijd gerelateerd zijn aan diverse aspecten van relaties met ouders en leeftijdgenoten. De resultaten tonen aan dat adolescenten die een betere relatie met hun ouders hadden minder intentie hadden om seks te hebben, op latere leeftijd met seks begonnen, en bovendien via een hogere zelfwaardering ook meer positieve emoties ervoeren na seks. Terwijl adolescenten die vaker met ouders praatten over seks later meer seksueel actief waren, had de frequentie van seksuele communicatie geen effect op de seksuele intentie van seksueel onervaren adolescenten. Adolescenten die intensiever omgingen met leeftijdgenoten, die dachten dat hun vrienden meer seksueel actief waren en het hebben van seks meer goedkeurden, en die meer druk van leeftijdgenoten ervoeren om seks te hebben, waren zelf ook meer en eerder seksueel actief. Bovendien dachten jongeren die meer deviante gesprekken over seks hadden met hun vriend(inn)en dat hun leeftijdgenoten het hebben van seks meer goedkeurden, zelf meer seksueel actief waren en meer risicovolle seks hadden. Wanneer opvoeding en leeftijdgenoten tegelijkertijd werden onderzocht, bleken alleen leeftijdgenoten een rol te spelen in de timing van het seksuele debuut van adolescenten. Frequente seksuele communicatie met ouders bleek echter een buffer te zijn voor de effecten van seksuele peer-normen op de eigen seksuele intentie van adolescenten. Theoretische en praktische implicaties worden besproken.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Daphne van de Bongardt, Ellen Reitz, Maja Deković
  • Show to public No
Gepubliceerd in 2016, jaargang 40, Nummer 4

It’s kind of an exciting story: The role of the Internet in adolescent sexual development

This article describes findings of the third Project STARS sub-project, which investigated the role of the Internet in adolescent sexual development. The empirical studies that are conducted within this sub-project aimed to offer more insight into (1) the prevalence and development of different sex-related online behaviors in adolescence; (2) their longitudinal associations with sexual cognitions, behaviors, and emotions; and (3) how sex-related Internet use is embedded in personal and social contexts. The findings suggest that for most adolescents, engagement in most sex-related online behaviors is much less excessive than is often assumed or feared. Nonetheless, the longitudinal and qualitative data confirm theoretical assumptions by showing that sex-related online behaviors may, through a variety of mechanisms, shape adolescents’ sexual developmental processes. Furthermore, the findings highlight that sexrelated Internet use does not occur in isolation, but is intertwined with various intra- and interpersonal processes. For example, sex-related behaviors were found to predict increases in adolescents’ perceptions that sexual behavior is common and accepted among peers, which in turn predicted increases in their own experience with sexual behavior. Moreover, the various studies showed that many congruencies exist between adolescents’ own dispositions, developmental interests, and social setting on the one hand and their patterns of sex-related Internet use on the other hand. The findings of this sub-project contribute to theory and knowledge about the role of the Internet in adolescent sexual development. They also contain relevant implications for parents, schools and intervention developers who strive to promote a healthy and positive sexual development.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Suzan M. Doornwaard, Regina J. J. M. van den Eijnden, Ine Vanwesenbeeck, Tom F. M. ter Bogt
Gepubliceerd in 2016, Volume 40, Issue 4

It’s kind of an exciting story: De rol van het Internet in de adolescente seksuele ontwikkeling

In dit artikel worden de bevindingen van Project STARS Deelproject 3 beschreven, waarin de rol van Internet in de adolescente seksuele ontwikkeling is onderzocht. De verschillende empirische studies die zijn uitgevoerd hadden tot doel meer inzicht te bieden in (1) de prevalentie en ontwikkeling van verschillende seksgerelateerde online gedragingen tijdens de adolescentie; (2) hun longitudinale relaties met seksuele cognities, emoties en gedragingen; en (3) de manier waarop seksgerelateerd Internetgebruik is ingebed in persoonlijke en sociale contexten. De bevindingen suggereren dat de meeste seksgerelateerde online gedragingen minder wijdverbreid zijn onder adolescenten dan vaak wordt gedacht of gevreesd. Desalniettemin zijn de longitudinale en kwalitatieve gegevens in overeenstemming met de theoretische assumptie dat seksgerelateerde online gedragingen via verschillende processen van invloed zijn op seksuele ontwikkelingsprocessen. Daarnaast benadrukken de onderzoeksresultaten dat seksgerelateerd Internetgebruik niet plaatsvindt in een vacuüm, maar dat het is verweven met verschillende intra- en interpersoonlijke processen. Zo bleek dat seksgerelateerde online gedragingen overtuigingen van jongeren over gangbaar en geaccepteerd seksueel gedrag onder leeftijdsgenoten kunnen vormen, welke vervolgens eigen seksueel gedrag voorspellen. De verschillende studies lieten bovendien zien dat er vele vormen van congruentie bestaan tussen persoonlijke eigenschappen, interesses en sociale contexten van adolescenten enerzijds en seksgerelateerd Internetgebruik anderzijds. De bevindingen van dit deelproject dragen bij aan theorievorming en kennis omtrent de rol van het Internet in de adolescente seksuele ontwikkeling. Zij bevatten tevens relevante implicaties voor ouders, scholen en interventieontwikkelaars die ernaar streven een gezonde en positieve seksuele ontwikkeling te stimuleren.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Suzan M. Doornwaard, Regina J. J. M. van den Eijnden, Ine Vanwesenbeeck, Tom F. M. ter Bogt
  • Show to public No
Gepubliceerd in 2016, jaargang 40, Nummer 4

Blooming sexuality: A biopsychosocial perspective on adolescent romantic and sexual development

This article presents the findings from the first part of the Project STARS study on adolescent romantic and sexual development using a biopsychosocial perspective. With five empirical studies, the role of individual factors (personality, pubertal development) and social context (peers, sexualized media) for the romantic and sexual development are examined. A meta-analysis showed that an early and more advanced pubertal development is associated with more (risky) sexual experiences. Further, a longitudinal study showed that pubertal development is also related to changes in social status, and that this partly explains why ‘early’ and ‘rapidly’ developing adolescents begin intimate relationships at younger ages. Personality was also found to be an important factor for adolescent sexual development: Adolescents with an undercontrolling personality type (versus resilient and overcontrolling) were found to engage in more (risky) sexual behaviors. Further, personality (low emotional stability) was related to a preference for friends with a similar level of sexual intention. Finally, with a longitudinal study sexualized media was shown to play a role in the development of permissive sexual attitudes— especially for youth who perceived these media to be realistic. The findings of this dissertation show that individual differences in adolescent romantic and sexual development can be explained by differences in personality and pubertal development, in interaction with social context. Despite the normativity of sexual development during adolescence, the results also indicate which youth are more vulnerable to risky and negative experiences.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Laura Baams, Judith Semon Dubas, Geertjan Overbeek, Marcel van Aken
  • Show to public No
Gepubliceerd in 2016, Volume 40, Issue 4

Opbloeiende seksualiteit: Een biopsychosociaal perspectief op de romantische en seksuele ontwikkeling van adolescenten

Dit artikel beschrijft de bevindingen van Project STARS Deelproject 1 naar de romantische en seksuele ontwikkeling van adolescenten vanuit een biopsychosociaal perspectief. Met behulp van vijf empirische studies werd de rol van individuele factoren (persoonlijkheid, puberteitsontwikkeling) en sociale context (leeftijdgenoten, seksuele media) bij de romantische en seksuele ontwikkeling onderzocht. Met een meta-analyse werd aangetoond dat een vroege en verder gevorderde puberteitsontwikkeling samenhangt met meer en risicovolle seksuele ervaringen. Daarnaast is in een longitudinale studie gevonden dat een snelle en vroege puberteitsontwikkeling ook samenhangt met een toename in populariteit, en dat dit deels verklaart waarom ‘vroege’ en ‘snel’ ontwikkelende jongeren eerder aan intieme relaties beginnen. Vervolgens is met twee longitudinale studies aangetoond dat persoonlijkheid ook belangrijk is voor de seksuele ontwikkeling: jongeren met een ondercontrolerend (versus veerkrachtig of overcontrolerend) persoonlijkheidstype hebben meer en risicovolle seksuele ervaring. Bovendien bleek de persoonlijkheid (lage emotionele stabiliteit) van jongeren samen te hangen met een voorkeur voor vrienden met dezelfde mate van intentie om seks te hebben. Ten slotte is met een longitudinale studie gevonden dat seksuele media een belangrijke rol spelen bij het ontwikkelen van permissieve seksuele attituden - vooral voor jongeren die seksuele media realistisch vinden. De bevindingen van Deelproject 1 laten zien dat individuele verschillen in de romantische en seksuele ontwikkeling van adolescenten deels verklaard kunnen worden door verschillen in persoonlijkheid en puberteitsontwikkeling in interactie met de sociale context. Ondanks de normativiteit van seksuele ontwikkeling tijdens de adolescentie geven de resultaten van Deelproject 1 aan welke jongeren mogelijk kwetsbaarder zijn voor risicovolle en negatieve ervaringen.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Laura Baams, Judith Semon Dubas, Geertjan Overbeek, Marcel van Aken
  • Show to public No
Gepubliceerd in 2016, jaargang 40, Nummer 4

A True Love Story: Young people’s romantic and sexual development in the context of everyday life

As a part of Project STARS (Studies on Trajectories of Adolescent Relationships and Sexuality), the University of Groningen conducted subproject 4: An exploratory diary study about everyday experiences of young people’s romantic and sexual development. Over the course of two years, young Dutch people (n=306; 13-17 years old) reported in a longitudinal mixed-methods (i.e. quantitative and qualitative) diary study about their everyday experiences of their (emergent) romantic and sexual development. The main research question was: How does young people’s (emerging) romantic and sexual development progress, by focusing on adolescents’ everyday experiences, and in what way do everyday conversations with parents play a role in this development? In order to do this, we used an extended definition of sexuality. This article is an overview of the main results of two studies of sub-project 4. In general, results showed that young people are more concerned with romantic aspects of their romantic and sexual development than about explicit sexual acts. The vast amount of romantic expressions in the diaries could guide research and practice so as to incorporate romantic aspects in their studies and sexual health programs.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Wieke Dalenberg, Greetje Timmerman, Saskia Kunnen, Paul van Geert
  • Show to public No
Gepubliceerd in 2016, Volume 40, Issue 4

A True Love Story: De romantische en seksuele ontwikkeling van adolescenten in het dagelijks leven

Binnen het grootschalige longitudinale Project STARS (Studies naar Trajecten van Adolescente Relaties en Seksualiteit) heeft de Rijksuniversiteit Groningen het vierde deelproject uitgevoerd: een explorerend mixed-methods (kwalitatief en kwantitatief) onderzoek waarin adolescenten (n=306; 12-17 jaar) een dagboek hebben bijgehouden over hun dagelijkse ervaringen met liefde en seks, waaronder een deel van de jongeren twee jaar lang. De vraag hierbij was: hoe ontwikkelen adolescenten zich op romantisch en seksueel gebied - kijkend naar dagelijkse ervaringen -, en op welke manier spelen dagelijkse gesprekken met ouders over liefde en seks een rol in deze ontwikkeling? Er wordt een brede definitie van seksualiteit gehanteerd om ook de ontluikende romantische en seksuele ontwikkeling van jongeren in kaart te brengen. Dit artikel toont de bevindingen van twee studies van Deelproject 4. De resultaten laten onder andere zien dat de romantische aspecten van seksualiteit een grotere plek in de dagelijkse beleving innemen dan expliciet seksuele onderwerpen. De grote focus op romantische onderwerpen in de dagelijkse beleving van jongeren is een reden om in de seksuele voorlichting ook aandacht te besteden aan romantische aspecten van seksualiteit.

Aanvullende informatie

  • Auteur(s) Wieke Dalenberg, Greetje Timmerman, Saskia Kunnen, Paul van Geert
  • Show to public No
Gepubliceerd in 2016, jaargang 40, Nummer 4

TVS Twitter


RT @jsexmed: Automatic Sex-Liking and Sex-Failure Associations in Men With Sexual Dysfunction https://t.co/i6dZ1LijdM

Van harte @RutgersNL #Rutgers50! Blijf gezonde, veilige, plezierige seks agenderen. We publiceren graag jullie verhalen.

@lalalalinder : Oei: "moeten hebben?" Moeten en seks gaan niet samen leert de geschiedenis ons:… https://t.co/XSRHF1KixT

@lalalalinder & @Brainwashonline Achterhaalde polarisatie van he vs ho. Artikel gaat over clit, ongeacht he of ho:… https://t.co/EFPdV5c7As