Let it be: Het recht op persoonlijke autonomie van personen met intersekse/DSD

  • Auteur(s) Pieter Cannoot
  • Show to public Yes

Personen met intersekse/DSD genieten weinig aandacht in het Belgische rechtssysteem. Hoewel intersekse/DSD geen zeldzaam fenomeen is, zijn er weinig gegevens over de medische behandelingen die deze individuen ondergaan en de leefomstandigheden waarin ze zich bevinden. Personen met intersekse/DSD worden door het rechtssysteem onder bijzondere druk geplaatst, ten gevolge van de binaire normativiteit ervan. De binaire invulling van het geslacht (man/vrouw), houdt de maatschappelijke pathologisering van intersekse/DSD immers in stand en versterkt de focus op geslachtsnormaliserende medische behandelingen ten aanzien van kinderen die nog niet beschikken over voldoende onderscheidingsvermogen om met de behandelingen in te stemmen. Deze bijdrage gaat in het bijzonder in op de problematiek van de geslachtsnormaliserende behandelingen, de registratie van het geslacht door de overheid en discriminatie ten aanzien van personen met intersekse/DSD, telkens vanuit een mensenrechtenperspectief en meer bepaald het recht op persoonlijke autonomie. Daarbij worden diverse scenario’s aangereikt voor de verbetering van de positie van personen met intersekse/DSD in het Belgische rechtssysteem.

Gepubliceerd in 2017, jaargang 41, Nummer 2

Verzoek om een schaamlipverkleining: een kwestie van smaak?

  • Auteur(s) Welmoed Reitsma, Berend van der Lei, Merel Koning, Astrid Pascal, Marian Mourits
  • Show to public Yes

Inleiding: Steeds vaker worden artsen geconsulteerd door vrouwen die een schaamlipverkleining (labiumreductie) wensen. Doel van dit onderzoek was het evalueren van de invloed van de persoonlijke esthetische opvatting, geslacht en specialisme van artsen op hun bereidheid tot verwijzen voor dan wel uitvoeren van een labiumreductie.
Methoden: Tussen mei 2009 en augustus 2009 werden 210 vragenlijsten verspreid onder huisartsen, gynaecologen en plastisch chirurgen in Noord-Nederland. Een vijf-punts Likert-schaal werd gebruik om vier afbeeldingen van een vulva te beoordelen.
Resultaten: In totaal vulden 164/210 (78,1%) artsen de vragenlijst volledig in, waarvan 80 huisartsen, 41 gynaecologen en 43 plastisch chirurgen (96 mannen, 68 vrouwen). Negentig procent van alle artsen gaf aan dat naar hun idee een vulva met zeer kleine labia minora het Nederlandse ideaalbeeld zou zijn (2-5 op de Likert-schaal). Plastisch chirurgen beschouwden de afbeelding met de grootste labia minora vaker als onaantrekkelijk en onnatuurlijk, vergeleken met huisartsen en gynaecologen (P<0,01). Ongeacht labiumgrootte en aanwezigheid van klachten van de patiënte, waren plastisch chirurgen significant vaker bereid om een labiumreductie uit te voeren dan gynaecologen (P<0,001). Mannelijke artsen waren significant vaker bereid tot uitvoering van een labiumreductie dan vrouwelijke artsen (P<0,01).
Conclusie: Geslacht en specialisme van een arts hebben grote invloed op hun waardering van het uiterlijk aspect van labia minora en bereidheid tot labiumreductie. Een patiënte die een labiumreductie wil ondergaan heeft tweemaal zoveel kans op inwilliging van dit verzoek indien zij een mannelijke plastische chirurg consulteert dan wanneer zij hiervoor een vrouwelijke gynaecoloog bezoekt. Bewustwording van de invloed van veranderende normen op persoonlijke zowel als professionele voorkeur zijn van belang bij reflectie op het professioneel handelen.

Gepubliceerd in 2011, jaargang 35, Nummer 4

ISSUES