Abstracts |
Nieuwe eindredacteur Literatuurbulletin
|
|
J. van Lankveld, G. Van Damme
|
Redactionele bijdrage n.a.v. de komst van een nieuwe eindredacteur van het
Literatuurtbulletin van het Tijdschrift voor Seksuologie. Willem-Jan Cuypers
volgt Kees van der Rhee op.
|
|
Tussen wal en schip. De moeizame emancipatie van biseksualiteit
|
|
A. Lipperts, H. Oosterhuis
|
Biseksualiteit - de seksuele voorkeur voor zowel mannen als vrouwen -heeft in
het afgelopen decennium in toenemende mate aandacht van de media gekregen,
vooral in muziekvideoclips, publiekstijdschriften, soaps en andere populaire
televisieprogramma's en op internetsites. Vooral onder jongeren lijkt er meer
dan voorheen ruimte te bestaan voor de bespreekbaarheid en acceptatie van)
biseksuele gevoelens en gedragingen. Er zijn ook aanwijzingen dat een groeiend
aantal mensen zichzelf als biseksueel benoemt. Duidt dit alles op een
verandering in houding en gedrag met betrekking tot biseksualiteit?
Veranderingen in attitude en gedrag op seksueel gebied zijn op verschillende
manieren, zowel kwantitatief als kwalitatief te onderzoeken. Dit artikel over
biseksualiteit is gebaseerd op een combinatie van historische, sociologische
en vertooganalytische benaderingen. Ten eerste belichten de auteurs de
geschiedenis van de seksuologische begripsvorming met betrekking tot
biseksualiteit. Ten tweede analyseren de auteurs de vraagstelling en
uitkomsten van een tiental enquêtes naar attitudes en gedragingen op seksueel
gebied, die tussen 1968 en 2005 in Nederland plaatsvonden. Het derde deel
bestaat uit een casestudy naar de betekenisgeving van biseksuele gevoelens en
gedragingen, zoals die in de jaren 1989-2005 zijn verwoord in een
adviesrubriek van een populair jongerentijdschrift.
|
|
Behandelprogramma's voor plegers van seksueel overschrijdend gedrag met een lichte verstandelijke beperking in Nederland
|
|
B. Hoitzing, J. van Lankveld, G. Kok,
L. Curfs
|
Een overzicht wordt gegeven van behandelprogramma's voor plegers van seksueel
grensoverschrijdend gedrag met een lichte verstandelijke beperking. Voor dit
onderzoek werden 17 instellingen met een behandel aanbod voor deze doelgroep
benaderd. De gegevens van 14 aanbieders werden verkregen, waarbij gebruik
gemaakt is van semigestructureerde interviews. De focus ligt op de inhoud en
structuur van de programma's, de theoretische uitgangspunten en de ervaringen
met de programma 's, inclusief empirische gegevens over effectiviteit.De
bestudeerde behandelprogramma 's vertoonden zowel overeenkomsten als
verschillen.
|
|
Zelfgerapporteerde seksuele dwang onder adolescenten
|
|
J. Hendriks, A.-M. Slotboom,
J. Verbruggen
|
In dit onderzoek wordt onderzocht in welke mate adolescenten door henzelf
uitgeoefende seksuele dwang rapporteren. Uit de meeste studies blijkt dat er
een groot verschil is tussen wat jongens en meisjes melden. Er zijn echter ook
een aantal studies die laten zien dat het verschil minder groot is dan wordt
verondersteld. Om dit nader te onderzoeken hebben de auteurs 833 adolescenten
op anonieme basis een vragenlijstpakket laten invullen. Er is hierbij naast
het sekseverschil ook gekeken naar verschillen tussen een hoogrisicogroep
(jongeren verblijvend in een Justitiële Jeugdinrichting), een laagrisicogroep
(VWO-scholieren en eerste jaars studenten) en een middenrisicogroep
(VMBO-scholieren). Voorts is gekeken naar factoren die mogelijk samenhangen
met seksuele dwang. Uit dit onderzoek blijkt dat gedetailleerde vragen leiden
tot een veel hogere mate van zelfgerapporteerde dwang en dat de verschillen
tussen jongens en meisjes minder groot zijn dan veelal werd aangenomen.
Verschillen tussen diverse risicogroepen blijken duidelijk aanwezig waarbij de
laag-risicogroep, zoals verondersteld, ook nauwelijks seksuele dwang
rapporteert. Voor jongens blijkt eigen slachtofterschap voorspellend en bij
meisjes omgevingsdruk om seksueel actief te zijn.
|
|
De standaard 'Erectiele disfunctie' van het Nederlandse Huisartsen Genootschap. Implicaties voor de seksuoloog
|
|
P. Leusink, T. Wiersma,
N. Van Rijn-Kortenhof
|
Huisartsen zullen onder andere door vergrijzing van de populatie en door
toename van cardiovasculaire problematiek frequenter in aanraking komen met
een probleem als erectiele disfunctie. Om de huisartsen een houvast te bieden
in diagnostiek en behandeling van deze disfunctie ontwikkelde het Nederlands
Huisartsen Genootschap de NHG-Standaard Erectiele disfunctie.De belangrijkste
elementen in deze richtlijn zijn: - bij controlebezoeken voor comorbiditeit
wordt bij mannen ook naar erectiele disfunctie gevraagd; - het onderscheid
tussen psychogene en somatogene erectiele disfunctie is belangrijk voor
diagnostiek en behandeling; behoudens van meer lichaamsbeweging is van
leefstijlverandering niet aangetoond dat een eenmaal aanwezige erectiele
disfunctie daarmee verdwijnt; de effectiviteit en veiligheid van de drie
fostodiesteraseremmers type 5 (PDE-5-remmers), sildenafil, vardenatil en
tadalafil zijn vergelijkbaar; -voorlichting en begeleiding is altijd
noodzakelijk, ook bij een medicamenteuze behandeling. De meest saillante
aspecten van de NHG-Standaard Erectiele disfunctie die bij seksuologen vragen
kunnen oproepen worden hier besproken.
|
|
Seksuele keuzes onderzocht met fMRI: interessant, maar ook een gemiste kans [Gesignaleerd]
|
|
J.R. Georgiadis
|
Steeds meer onderzoekers gebruiken fMRI in de hoop om neurobiologische
onderzoeksvragen over mensen te kunnen beantwoorden. Dit geldt niet alleen
voor onderzoekers met een neurowetenschappelijke achtergrond, het zijn ook
steeds meer de medici en paramedici die van de techniek gebruik maken.
tMRI-onderzoek is , en dat hebben seks-onderzoekers inmiddels ook ontdekt.
Maar hoe betrouwbaar zijn die aantrekkelijke hersenscans met hun gekleurde
blobs nu eigenlijk?
|
|
Literatuurbulletin
|
|
C. van der Rhee
|
Literatuurbulletin, 2010, nr. 1. INHOUD: Ontvangen (p. 52); Recensies (p.
53-57); Seksuologische tijdschriften (p. 58-66).
|
|
|
|