Tijdschrift voor Seksuologie


2005, Jaargang 29, Aflevering 1


Inhoudsopgave


Home
<- Vorige Archief













Abstracts

Gastredactioneel: "Homoseksualiteit is toch geen probeem meer?"
H. BosC. Picavet

Gastredactioneel voorwoord bij een themanummer over - stigmatisering van - homoseksualiteit. Het themanummer maakt duidelijk dat er in de afgelopen decennia veel is veranderd in de aard van de stigmatisering van homoseksuele mannen en vrouwen. Afwijzing gebeurt tegenwoordig veel subtieler dan voorheen. Het onderzoek dat in dit themanummer wordt beschreven geeft een aanzet om op een andere, 'moderne' manier te kijken naar stigmatisering en de impact daarvan op het leven van lesbische vrouwen en homoseksuele mannen. Het laat zien dat stigmatisering nog altijd een belangrijk onderwerp is als het gaat over homoseksualiteit. Nu is het tijd om deze inzichten te vertalen naar innovaties in onderzoek, hulpverlening en preventie en voorlichting.

De sociale psychologie van stigmatisering
The social psychology of stigma
J. Crocker

In het hedendaags taalgebruik verwijst de term 'stigma' naar een persoonskenmerk dat iemand in hoge mate in diskrediet brengt en "in onze gedachten van een compleet en gewoon mens [reduceert] tot een mens met een beschadiging, niet serieus te nemen" (Goffrnan, 1963). Gestigmatiseerde mensen hebben een eigenschap die twijfel opwekt over de volwaardigheid van hun mens-zijn; de gestigmatiseerde wordt beschouwd als minderwaardig, mislukt of gebrekkig (Jones et al., 1984). De auteur van dit artikel geeft een overzicht van de huidige stand van het onderzoek en de theorievorming over de aard en de gevolgen van sociale stigma's, en van de wijze waarop mensen omgaan met stigmatisering. Hij richt zich daarbij in het bijzonder op de interactie tussen gestigmatiseerden en niet-gestigmatiseerden, de vicieuze en zelfversterkende cirkel waartoe deze interactie kan leiden en doet suggesties om dergelijke cirkels om te buigen tot opwaartse spiralen met betere communicatie en meer begrip.

Homofobie: welk probleem? Wiens probleem?
Homophobia: which problem? Whose problem?
T. Sandfort

Het begrip 'homofobie', dat nu ruim dertig jaar bestaat, heeft veel onderzoek, theorievorming en vooral ook maatschappelijke actie gestimuleerd. Het begrip is ook veelvuldig bekritiseerd. Alternatieve begrippen zijn geopperd die alle een verschillend perspectief op het verschijnsel leveren. Een vaak opkomende vraag is of homofobie in Nederland nog steeds een probleem is. Onderzoeksgegevens suggereren grote tolerantie, vooral in vergelijking met andere landen. Het is de vraag in hoeverre werkelijk van acceptatie sprake is. Het is mogelijk dat opvattingen over homoseksualiteit veranderen, maar dat onderliggende sentimenten ongewijzigd zijn. In dat verband wordt over moderne homofobie gesproken. Homofobie, die in uiteenlopende vormen voorkomt, heeft gevolgen voor de geestelijke gezondheid van homoseksuele mannen en vrouwen. Onduidelijk is waar mensen nu eigenlijk een probleem mee hebben als het om homoseksualiteit gaat. Om homofobie daadwerkelijk te kunnen aanpakken is verder onderzoek nodig.

Moderne homonegativiteit: de constructie van een meetinstrument voor het meten van hedendaagse reacties op zichtbare homoseksualiteit in Nederland
Modern homonegativity
E. van WijkB. van de Meerendonk F. BakkerI. Vanwesenbeeck

In bestaand onderzoek naar homonegativiteit in Nederland is alleen traditionele homonegativiteit gemeten. Het hier gepresenteerde onderzoek beschrijft de ontwikkeling van een nieuw meetinstrument waarmee ook moderne homonegativiteit gemeten wordt (subtieler, abstracter en minder manifest negatief dan traditioneel). Respondenten vulden een vragenlijst in (N=207, 46.2% mannen, 53.8% vrouwen, gemiddelde leeftijd 37.1 jaar). Middels factoranalyse zijn twee schalen ontwikkeld voor het meten van moderne (a=.91) en traditionele (a=.86) homonegativiteit. De samenhangen tussen deze schalen enerzijds en demografische kenmerken en eigenschappen als autoritarisme, sekserolstereotypering en het aantal homoseksuele kennissen anderzijds, zijn conform resultaten uit eerdere onderzoeken. Uit dit onderzoek blijkt tevens dat beide vormen van homonegativiteit in Nederland voorkomen, waarbij moderne homonegativiteit meer wordt onderschreven dan de traditionele vorm.

Botuline toxine tegen vaginisme [Gesignaleerd...in de internationale vakliteratuur]
P. Zwaard

Vaginisme wordt meestal behandeld met gedragstherapie. In twee onderzoeken werd echter een heel andere weg ingeslagen.

Problemen? Geen probleem!: homo/lesbo worden in een tolerant sociaal klimaat
Problems? No problem: becoming lesbian or gay in a tolerant social climate
C. PicavetT. Sandfort

Is de ontwikkeling van een homoseksuele identiteit nog problematisch in een tolerant land als Nederland? Aan de hand van deze vraag worden de bevindingen van twee kleinschalige kwalitatieve onderzoeken onder homoseksuele jongeren beschreven. Daarbij wordt vooral aandacht gegeven aan de coming out ten opzichte van de ouders, de reacties van die ouders en de manier waarop de jongeren daarmee omgaan. Het blijkt dat jongeren het nog altijd moeilijk vinden om tegen hun ouders te vertellen dat zij homo of lesbo zijn, zelfs als ze verwachten dat hun ouders toch wel positief zullen reageren. In de praktijk blijkt de reactie van de meeste ouders gematigd positief. De jongeren leggen de nadruk op positieve aspecten en trivialiseren minder positieve reacties. Zij blijken er vooral behoefte aan te hebben 'normaal' gevonden te worden. Het past daar niet bij om confronterend te zijn. De betekenis van deze gegevens wordt besproken, evenals de aard van de homotolerantie waarmee jongeren te maken krijgen.

Stigmatisering, homohulpverlening en multiculturele hulpverlening: enkele kanttekeningen
Stigmatizing, gay health care and multicultural health care: a few comments
J. Schippers

De auteur maakt een aantal kanttekeningen bij het onderwerp stigmatisering van homoseksuelen. De eerste invalshoek is, dat de stigmatisering van homoseksuelen op een aantal fundamentele punten verschilt van de stigmatisering van andere minderheidsgroepen. Het ligt daarom voor de hand om te veronderstellen dat de effecten van deze stigmatisering op individuele homoseksuele patiënten dan ook specifiek zullen zijn. Hoe een individuele patiënt omgaat met stigmatisering en zelfwaardering, kan de hulpverlener onder andere achterhalen met behulp van het begrip 'eigenschaptoekenningen' (welke eigenschappen kent de gestigmatiseerde persoon toe aan zichzelf, aan andere leden van dezelfde minderheidsgroep en aan stigmatiseerders). Op basis van praktijkervaring vermoedt de auteur dat stigmatisering bij homo's in het algemeen een groter negatief effect heeft op de zelfwaardering en de waardering voor groepsgenoten dan bij etnische minderheden. De auteur vraagt in zijn artikel tot slot nog aandacht voor de complicaties van de professionele communicatie tussen hulpverlener en patiënt, waarbij wederzijdse stigmatisering een rol zou kunnen spelen. Open, gelijkwaardige en op wederzijds leren gerichte communicatie tussen hulpverlener en patiënt is vaak niet goed mogelijk. Het is daarom van groot belang dat dergelijke gesprekken wel gevoerd worden tussen collega-hulpverleners met diverse achtergronden wat betreft etnisch-culturele afkomst en seksuele gerichtheid.

"Ze kunnen zeker geen man krijgen": de invloed van stigmatisering op lesbische relaties
They couldn't catch a man after all: what is the influence of stigmatization on lesbian relationships?
I. Verbeek

Welke invloed kan stigmatisering hebben op lesbische relaties? De auteur beschrijft drie niveaus van stigmatisering van lesbische vrouwen (maatschappelijk, ontwikkelingspsychologisch en sociaal-psychologisch). De invloed van het stigma homoseksualiteit op relaties tussen lesbische vrouwen komt aan de orde. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen de invloed van maatschappelijke homofobie; de heteroseksuele socialisatie; de verinnerlijkte homofobie en de psychodynamiek van de moeder-dochterrelatie. Gebaseerd op praktijkervaring als relatietherapeut voor lesbische paren, ontwikkelt de auteur een model waarin een verband gelegd wordt tussen de invloed van het stigma en specifiek lesbische relatieproblematiek. Het model omvat vijf verschillende soorten relaties: de verborgen relatie, de geïdealiseerde relatie, de geïsoleerde relatie, de zorgrelatie en de verstrengelde relatie. Dit model biedt een handvat om deze problematische relaties te duiden en te behandelen in het licht van het stigma homoseksualiteit.

Seksuele geaardheid van de arts speelt een rol in de arts-patiëntrelatie [Gesignaleerd...in de internationale vakliteratuur]
T. Lagro-Janssen

Signalering van een kwalitatieve studie over de manier waarop homo- en biseksuele hulpverleners hun seksuele geaardheid gebruiken in de contacten met patiënten.

Verslag van het symposium: Homosexualities and HIV/AIDS: more than a question of rights [Congresverslag]
C. Picavet

Verslag van een symposium over homosekualiteit en HIV/AIDS in ontwikkelingslanden. Het werd georganiseerd door Hivos en werd gehouden op 21 oktober 2004.

Studiedag met David Schnarch [Congresverslag]
H. Pastoor

Verslag van de studiedag 'Seksdrive' met David Schnarch, 11 november 2004.

Literatuurbulletin Relaties en Seksualiteit, 2005, nr. 1
C. van der Rhee

Literatuurbulletin Relaties en Seksualiteit, 2005, nr. 1. INHOUD: Ontvangen (p. 55); Recensies (p. 56-57); Seksuologische tijdschriften (p. 57-61).