|
|
Abstracts |
Hoofdredactioneel
|
|
M. Hengeveld, J. van Lankveld
|
Koos Slob opvolgen als hoofdredacteur is geen sinecure. Hij heeft zijn
werk met zoveel enthousiasme, persoonlijke inzet en creativiteit gedaan,
dat de redactieraad van ons Tijdschrift voor Seksuologie van mening was
dat alleen een duo van hoofdredacteuren het gat kon opvullen dat door zijn
vertrek zou ontstaan. Daarom is de nieuwe hoofdredactie met zijn tweeën.
Jacques van Lankveld, de eerste hoofdredacteur, is de administratieve
spil en vertegenwoordigt de psychologische benadering in de seksuologie.
De tweede hoofdredacteur, Michiel Hengeveld, representeert de biomedische
en psychiatrische aspecten van onze interdiscipline. Samen willen zij het
hoofdredactionele beleid van Koos Slob trachten voort te zetten en zo
mogelijk nog meer doen opbloeien.
|
|
Krafft-Ebing's stiefkinderen der natuur: de psychiatrie en het ontstaan van seksuele identiteiten
|
|
H. Oosterhuis
|
Het thema van het hier besproken boek boek is de sociaal-historische
genese van seksuele identiteiten zoals die aan het eind van de 19e eeuw
gestalte kregen in de medisch-psychiatrische bemoeienis met seksuele
perversies. Centraal staan het werk en de casuïstiek van de
Duits-Oostenrijkse psychiater Richard von Krafft-Ebing (1840-1902), auteur
van het invloedrijke medisch-seksuologische standaardwerk Psychopathia
sexualis (1886). De eerste doelstelling van het onderzoek is een
wetenschapshistorische plaatsbepaling van Krafft-Ebings psychiatrie en met
name van zijn aandeel in de'modernisering van seksualiteit', dat wil
zeggen de overgang van een morele en juridische naar een medische en
psychologische benadering van seksualiteit. Ten tweede biedt het een
sociaal-historisch perspectief op het ontstaan van het moderne
seksualiteitsbegrip door middel van een vergelijking van Krafft-Ebings
psychiatrische beschouwingen en de egodocumenten van zijn patiënten. Aan
de hand van psychiatrische ziektegeschiedenissen en autobiografische
geschriften van de betrokkenen wordt onderzocht in hoeverre en op welke
manier de psychiatrische begripsvorming enerzijds en de individuele
ervaring en beleving van seksualiteit anderzijds elkaar wederzijds
beïnvloedden.
|
|
Een zorgmodel voor diagnostiek en behandeling van erectiele disfunctie (ED)
|
|
P.R.I. Rabsztyn, C. Schreuders Bais,
E.J.H. Meuleman
|
De Werkgroep Medische Seksuologie van het UMC St. Radboud besloot in het
voorjaar van 1999 een zorgmodel te ontwikkelen voor mannen met een
erectiestoornis. Dit zorgmodel is gebaseerd op het "Proces of Care Model"
(Rosen et al., 1999) en aangepast aan de Nederlandse situatie. Het is
bedoeld voor alle hulpverleners die zich op een of andere manier
bezighouden met erectieproblematiek. Dit artikel is enerzijds geschreven
vanuit het perspectief van kennisoverdracht met als doel de groep
hulpverleners een overzicht te geven wat er mogelijk is op diagnostisch en
therapeutisch vlak en anderzijds als discussiestuk. Aangezien de
basisdiscipline van de Nederlandse seksuologische hulpverleners divers is
zal iedereen een andere visie op het hier gepresenteerde Zorgmodel hebben.
De werkgroep nodigt de lezer dan ook uit te reageren met kritische
kanttekeningen enlof suggesties ten einde het zorgmodel erectiele
disfunctie in de toekomst verder te verfijnen. In 1999 publiceerden Rosen,
Goldstein en Padma-Nathan in het Journal of lmpotence het Model of Care
bij erectiele disfunctie. In dit artikel wordt een eerste aanzet gedaan
een zorgmodel erectiele disfunctie te ontwikkelen voor de Nederlandse
situatie.
|
|
Sekstherapie met senioren
|
|
A.J.F. Neeleman
|
Er is zo weinig aandacht voor het onderwerp sekstherapie met senioren, dat
de vraag rijst of sekstherapie met deze doelgroep wellicht dermate weinig
specifiek is dat het geen speciale aandacht verdient. Hulpverleners
blijken soms echter grote problemen te hebben met het beginnen en voeren
van een gesprek met ouderen over seksualiteit. Enkele achtergronden van
deze problematiek zoals weerstanden en tegenoverdrachten worden
beschreven. Uit wetenschappelijke gegevens blijkt de seksuele respons van
ouderen wel wat te vertragen, maar vaak niet te verdwijnen. De problemen
die daarbij kunnen ontstaan worden besproken, evenals aspecten van de
behandeling. Geconcludeerd wordt dat meer aandacht voor sekstherapie met
ouderen gerechtvaardigd is, omdat seks voor veel ouderen belangrijk is en
therapeuten niet altijd goed zijn ingesteld op deze doelgroep.
|
|
De seksuele klachten van een groep Turkse en Marokkaanse mannen
|
|
J. Schippers
|
Bij een groep van dertig mannen van Turkse en Marokkaanse afkomst werd een
kwalitatief casuïstiekonderzoek verricht. De resultaten worden
gepresenteerd in het kader van twee artikelen. Het onderhavige artikel
begint met een inleiding en een korte verantwoording van de gevolgde
onderzoeksmethode. Vervolgens wordt aandacht besteed aan de demografische
gegevens van de onderzochte groep, de voorgeschiedenis van de betreffende
mannen en de specifieke wijze waarop zij aankijken tegen contacten met
vrouwen en met andere mannen. Kennis van en begrip voor de belangrijkste
verschillen tussen de onderzochte mannen en de gemiddelde autochtone
patiënt vormen de eerste bouwstenen voor een verbetering van de kwaliteit
van de seksuologische hulpverlening aan deze doelgroep. In dit
casuïstiekonderzoek komen onder andere verschillen naar voren in
(seksuele) opvoeding, denken en praten over seksualiteit,
sociaal-economische positie, en psychologiseren versus somatiseren. De
mogelijke consequenties voor behandeling komen aan de orde in het tweede
artikel van deze reeks.
|
|
Europese Associatie voor Urologie - 15e congres medische seksuologie. 12-15 april 2000, Brussel, België
|
|
T.G.W. Speel, E.J.H. Meuleman
|
De 15e bijeenkomst van de Europese associatie voor Urologie (EAU) is het
eerste grote urologische congres in het nieuwe millennium. Europa telt
meer dan 15.000 urologen van wie ongeveer 33% participeerde aan de
jaarlijkse EAU bijeenkomst. Medische seksuologie is ondertussen niet meer
het onderwerp dat taboe is en gepraktiseerd wordt door quasi-geleerden of
kwakzalvers. Het onderzoek naar erectiele disfunctie bij mannen en de
daarbij behorende therapieën hebben een vooraanstaande plaats verworven op
de agenda van de uroloog als onderwerp voor wetenschappelijk onderzoek.
Recentelijk heeft ook vrouwelijk seksueel disfunctioneren de aandacht
gekregen binnen de urologie, dit werd duidelijk tijdens de symposia van de
Europese Vereniging voor Seksueel en Impotentie Onderzoek voorafgaande aan
het congres.
|
|
Literatuurbulletin Relaties en Seksualiteit, 2001, nr. 1
|
|
J. Vroege
|
Inhoud: - Recensies (p. 38-51); - Rubriek Ontvangen (p. 51-52); - Overzicht
seksuologische tijdschriften (p. 52-56).
|
|
|