Tijdschrift voor Seksuologie


1996, Jaargang 20, Nummer 4


Inhoudsopgave


Home
<- Vorige Archief Volgende ->








Abstracts

Seksueel functioneren en emotionele respons van mannen
D.L. RowlandS.E. Cooper E.E. Houtsmuller

Seksueel functioneren is ten dele afhankelijk van psychologische processen die betrokken zijn bij seksuele opwinding en respons. Onder deze processen vallen emoties en zelf-percepties (cognities) omtrent de seksuele respons. In de afgelopen jaren werden in het lab affectieve (emotionele) en cognitieve componenten bestudeerd van de seksuele respons op verschillende soorten erotische stimulatie (visuele en auditieve stimulatie, en tactiele stimulatie van de penis). In een aantal experimenten werden mannen met verschillende seksuele stoornissen (erectie dysfunctie (ED), premature ejaculatie (PE), en een combinatie van die twee (PE + ED)) vergeleken met mannen van dezelfde leeftijd zonder seksuele stoornissen. Hoewel de afhankelijke variabelen niet exact hetzelfde waren in alle experimenten, werd in ieder experiment de genitale respons gemeten, en werd de proefpersonen in ieder experiment gevraagd op een schaal aan te geven in hoeverre een aantal (tot 35) verbale beschrijvingen van affectieve en zelf-perceptie responsen voor hen gold. Deze psycho-affectieve items werden ingedeeld in subschalen die intern consistent waren en waarvan alle items conceptueel overeenstemden. Een subgroep van de proefpersonen nam deel aan één van de volgende twee behandelingsprogramma's: sekstherapie of pharmacotherapie, afgestemd op de specifieke aandoening van de proefpersoon. De resultaten tonen aan dat onder laboratorium omstandigheden de relatie tussen affectieve, cognitieve en fysiologische variabelen veel complexer is dan de huidige theorie suggereert. Wat betreft affectieve en zelf-perceptie variabelen werd een aantal interessante patronen duidelijk, die kunnen leiden tot een beter begrip van de verschillen tussen de seksueel functionele en dysfunctionele respons.

Gebondenheid in intieme relaties: een analyse met het investeringsmodel
A.B. BakkerR.C.M.E. Engels R.J.J.M. van den Eijnden

In twee studies werd nagegaan welke mechanismen van invloed zijn op het voornemen om een intieme relatie te beëindigen. In overeenstemming met het investeringsmodel (Rusbult) bleek dat gebondenheid aan de intieme relatie positief samenhangt met relatie-tevredenheid en met investeringen, en negatief samenhangt met waargenomen alternatieven. Elk van deze drie variabelen leverde een onafhankelijke bijdrage aan de verklaring van de variantie in gebondenheid. Gebondenheid was voorts in beide studies een goede voorspeller van het voornemen om de relatie te verbreken en van de opvatting dat de eigen relatie beter is dan die van anderen. Ten slotte bleek dat gebondenheid, conform de verwachting, een mediërende rol speelde tussen enerzijds tevredenheid, alternatieven en investeringen, en anderzijds het voornemen om de relatie te verbreken en waargenomen relatiesuperioriteit

Een overzicht van stoornissen in het seksueel functioneren van vrouwen tijdens het gebruik van antidepressiva
A. van MinnenK. HoogduinE. de Kemp

Overzichtsartikel waarin duidelijk wordt gemaakt dat ook bij vrouwen seksuele stoornissen kunnen ontstaan tijdens het gebruik van antidepressiva. Om de therapietrouw te bevorderen en het ongemak voor vrouwen te verminderen, zouden artsen en andere verstrekkers van antidepressiva op de hoogte moeten zijn van deze bevindingen. Zij zouden vrouwen bij aanvang van het gebruik adequaat moeten voorlichten, expliciet naar bijwerkingen van seksuele aard moeten vragen en diverse interventies moeten overwegen om de ontstane stoornissen te doen verminderen. Deze voorlichting en mogelijke interventies worden eveneens in het artikel besproken.

Biseksuele identiteiten: tussen verlangen en praktijk
A. Kuppens

Verslag van een kwalitatief en explorerend onderzoek naar biseksualiteit. Aan de hand van twintig interviews bleek het mogelijk onderscheid te maken in twee vormen van biseksualiteit. Vervolgens wordt de ontwikkeling van biseksuele identiteiten beschreven waarbij gelet is op de aspecten sekse, leeftijd, klasse en etniciteit. In de analyse van de gegevens is de nadruk komen te liggen op de variabelen leeftijd en sekse. Ten slotte worden mate waarin geïnterviewden hun seksuele identiteit accepteren, de mate van openheid ten opzichte van anderen en de meest voorkomende vooroordelen beschreven.

Seksbeleving van prostituées: een verkennend onderzoek
D. de BaarH. VerberktS. van Doorn T. Sandfort

Exploratief onderzoek, waarvoor zes prostituées mondeling zijn geinterviewd. Beschreven wordt welke verschillen er bestaan in de seksbeleving van prostituées en waar die mee samen kunnen hangen. Uit de resultaten blijkt dat de beleving van seksuele contacten met klanten zowel tussen prostituées als binnen prostituées per klant-contact verschilt. De verschillen in beleving lijken samen te hangen met het karakter van de klant, de werkopvatting en persoonlijke grenzen van de prostituée.

Als je arts seks een "procedure" noemt; seksueel taalgebruik van medisch personeel tijdens een infertiliteitsbehandeling
J. van Parijs

Geïllustreerd wordt hoe het spreken over seksualiteit tijdens een fertiliteitsbehandeling in een Belgisch ziekenhuis verbannen wordt. Dit gebeurt aan de hand van de bevindingen van Wies Weijts in haar proefschrift 'Patient participation in gynaecological consultations'.

Literatuurbulletin Relaties en Seksualiteit, 1996, nr. 4

Inhoud: Recensies (p. 361-371); Overzicht seksuologische tijdschriften (p. 371-375).