|
Tijdschrift voor Seksuologie
1995, Jaargang 19, Nummer 2
Inhoudsopgave
|
|
Abstracts |
Broer en zuster vrijen dichte ...; attractie binnen
nieuw-samengestelde gezinnen
|
|
G. Bolle
|
Aan de hand van een casus wordt de problematiek van incest tussen
stiefbroer en -zus aangesneden. Over de omvang van dit verschijnsel
bestaat nog geen duidelijkheid. Wel is duidelijk dat het omgaan met
aantrekking tussen stiefbroer en -zus niet eenvoudig is. Zowel het
uitbouwen als het afbouwen van een partnerrelatie binnen een
dergelijk complex relatienetwerk betekent voor de betrokkenen een
extra opgave.
|
|
Groepsaanpak bij daderhulp aan seksuele delinquenten;
praktijkervaringen in het Brusselse Centrum voor
Actie-onderzoek en Seksuocriminologische Consultatie (CASC)
|
|
K. Vanhoeck
|
In dit artikel wordt het werken met groepen bij de ambulante
behandeling van seksuele delinquenten voorgesteld. Verschillende
argumenten worden aangevoerd om een groepsaanpak te verkiezen boven
een individuele: doorbreken van geheimhouding, een sociale
leersituatie, creatie van een "maatschappij in het klein",
mogelijkheid constructief recht te verwerven. Vervolgens worden de
concrete therapiegroepen voorgesteld die in het Brusselse ambulant
centrum CASC gebruikt worden: integratie, hervalvoorkoming,
psychodynamische therapiegroep, impulscontrole, modificatie van de
seksuele voorkeur, seksuele voorlichting, sociale
vaardigheidstraining, relaxatietraining en jongerengroep. Tenslotte
komen de mogelijke individuele trajecten aan bod die het team kan
uitzetten doorheen het groepstherapeutisch parcours en de plaats die
individuele en/of medisch-psychiatrische behandeling hierin hebben.
|
|
Het Leidse PEEP-onderzoek; prospectief onderzoek bij 198 mannen
met een erectiestoornis
|
|
M.W. Hengeveld, A.E.M. Speckens,
M.R.J. Kattemölle, G.A.B. Lycklama à Nijeholt
|
Dit artikel geeft een overzicht van de belangrijkste resultaten van
een prospectief onderzoek met de Leids Impotentie Questionnaire (LIQ)
bij 198 mannen die opeenvolgend verwezen werden naar het Academisch
Ziekenhuis Leiden wegens een erectiestoornis (ES). Het bleek goed
mogelijk om door middel van de Leidse Impotentie Screening Test
(LIST), bestaande uit slechts 11 vragen uit de LIQ, onderscheid te
maken tussen mannen met een voornamelijk organisch en mannen met een
voornamelijk psychisch veroorzaakte ES. Bij de vrouwelijke partners
van mannen met een psychogene ES bleken relatieproblemen,
seksuele-pijnklachten en een grotere behoefte aan seks een rol te
spelen bij de ES. Na gemiddeld vier jaar was het erectievermogen van
veel mannen verbeterd, onafhankelijk van het type behandeling dat zij
hadden gekregen, maar was toch slechts 47% tevreden over hun
seksleven. Dit laatste werd voornamelijk bepaald door het oordeel van
de mannen zelf over de mate van hun zelfwaardering en de kwaliteit
van hun relatie.
|
|
Mannelijk en vrouwelijk: effecten van geslachtshormonen op
agressie, cognitie en seksuele motivatie
|
|
S.H.M. van Goozen
|
Dit artikel is de samenvatting van het proefschrift "Male and female:
effects of sex hormones on aggression, cognition and sexual
motivation" (UvA, 1994). Onderwerp: de rol van geslachtshormonen op
een aantal gedragingen waarop genderverschillen zijn geconstateerd,
te weten agressie, seksuele motivatie en cognitief functioneren.
Onderzocht wordt het effect van testosteron-toediening bij
transseksuele vrouwen en van androgeendeprivatie bij transseksuele
mannen op genoemde aspecten. Tevens is er experimenteel onderzoek
gedaan naar agressiegeneigdheid en agressief gedrag van vrouwen in
het algemeen, en naar de invloed van geslachtshormonen op agressie in
het bijzonder. Zo is o.a. onderzocht of de premenstruele fase, als
periode van hormonale verandering, vrouwen ontvankelijker maakt voor
aversieve gebeurtenissen.
|
|
Zelfbeoordeling van genitale sensaties en lichaamsperceptie bij
vrouwen; de constructie van twee vragenlijsten
|
|
H.B.M. van de Wiel, W.C.M. Weijmar Schultz,
I.W. Molenaar, P. Vennix, H. Beens,
D. Vessies
|
Doel van deze studie was om, in het kader van onderzoek naar de
seksuele gevolgen van gynaecologisch oncologische behandeling, te
komen tot een betrouwbare operationalisatie van het concept (aan
seksuele opwinding gerelateerde) "genitale sensaties" en van het
concept "lichaamsbeleving". De genitale sensaties werden
geoperationaliseerd met behulp van een viertal subschalen: genitale
sensaties tijdens seksuele opwinding, genitale sensaties tijdens
orgasme, het vermogen zelf opwinding en orgasme te induceren en
negatieve sensaties tijdens geslachtsgemeenschap. Lichaamsbeleving
werd geoperationaliseerd met behulp van twee subschalen: een voor het
belang dat vrouwen aan bepaalde lichaamsaspecten hechten en een voor
de mate van aantrekkelijkheid van bepaalde lichaamsaspecten. De
gegevens van bijna 200 afnames bij 59 gynaecologische patiënten en 60
niet-patiënten werden met verschilllende statistische technieken
geanalyseerd. De resultaten laten zien dat alle aanvankelijke
subschalen, met weglating van enkele items, redelijke tot goede
schalen vormen met uitzondering van de subschaal voor negatieve
sensaties tijdens geslachtsgemeenschap. Op exploratieve basis werd
bovendien nog een nieuwe, zeer betrouwbare (alfa=.90),
unidimensionele en cumulatieve schaal ontwikkeld die het wat bredere
concept "seksuele opwindbaarheid" lijkt te dekken.
|
|
Wat de gek ervoor geeft; hoeveel geld gaat er om in de
seksmarkt inclusief de seksuologische hulpverlening?
|
|
L. van Mens
|
Bewerking van een lezing voor het 'symposium over seksualiteit in het
werk' ter ere van 25 jaar Rutgers Stichting. De jaaromzet in de
Nederlandse seksindustrie bedraagt naar schatting twee miljard
gulden. Aan seksuologische hulpverlening wordt zeven en een half
miljoen gulden uitgegeven. Nederlanders spenderen gemiddeld 135
gulden per jaar aan seksuele goederen en diensten. De commerciele
seksuele consumptie van mannen is groter dan die van vrouwen. De
eersten geven gemiddeld tweehonderdzestig gulden per jaar uit aan
seks en de laatsten slechts twaalf gulden vijftig. De meeste mannen
echter geven veel minder uit dan het gemiddelde bedrag. Een half
miljoen mannen is verantwoordelijk voor de helft tot driekwart van de
totale omzet van twee miljard. Seksuele produkten zoals condooms of
pornotijdschriften zijn redelijk betaalbaar voor iedere consument.
Seksuele diensten zijn aanzienlijk prijziger. De tarieven van
prostituées komen overigens overeen met die van seksuologen die
honderd gulden per uur rekenen.
|
|
Forum: door de hel gaan. Over hulp bij seksueel misbruik
|
|
C.W. Vink
|
Het 'willen weten' van de hulpverlener is essentieel voor
het helingsproces van de patiënt(e) met ervaringen van
seksueel geweld.
|
|
Verslag van de 20ste jaarlijkse meeting van de International
Academy of Sex Research (IASR), 28 juni - 2 juli 1994,
Edinburgh
|
|
J. Drenth
|
Verslag waarin aandacht wordt besteed aan de op de meeting besproken
onderwerpen. Van de bijdragen van de Nederlandse deelnemers doet de
auteur geen verslag, omdat deze t.z.t. wel aan bod zullen komen in
dit tijdschrift. Enkele onderwerpen: kinderen van homovaders en van
lesbische moeders, pedofielen, gender identity disorders, motieven
van piercers en tatoeëerders, transseksuele meisjes, seksuele
intimidatie, hyperfemininiteit en hypermasculiniteit, KID, IVF,
implantatie-oestrogenen, bijwerkingen van geneesmiddelen (o.a.
ejaculatiestoornissen), erotische computerpost, genderrolgedrag van
mannen met een hypospadie, ontkenning van zwangerschap,
alpha-2-blokkerende farmaca, premenstrueel syndroom, mannelijke
menopauze, impotentie en correlaties met ziektes, niet-westerse
culturen, diergedrag, spermacompetitie, mannelijke en vrouwelijke
seksuele delinquenten, kinderseksualiteit, surveyonderzoek en
congenitale adrenale hyperplasie.
|
|
Literatuurbulletin Relaties en Seksualiteit, 1995, nr. 2
|
|
|
Inhoud: Recensies (p. 149-159); Overzicht seksuologische
tijdschriften (p. 160-163).
|
| |
| |