In het Nieuws

Artikelen in het huidige nummer, 2013, jaargang 37, nr. 2

Chronische buik- en bekkenpijn: definities, nomenclatuur en classificatie, Marjo Ramakers, Bert Messelink


Chronische pijn in buik en bekken komt veel voor. Bij een chronisch pijnsyndroom gaat het om pijn die de alarmfunctie heeft verloren. De pijn is niet gelokaliseerd in een orgaan maar in het centraal zenuwstelsel. Naast pijn kunnen er functiestoornissen in de inwendige organen en seksuele disfuncties bestaan...lees meer

Chronische buik- en bekkenpijn: de patiënt bij de huisarts, Patrick Dielissen, Doreth Teunissen

In dit artikel wordt vanuit een huisartsgeneeskundig perspectief de diagnostiek, de behandeling, de seksuologische aspecten en de samenwerking met andere disciplines besproken ten aanzien van chronische buik- en bekkenpijn...lees meer

De patiënt met chronische buik- en bekkenpijn bij de chirurg, Harry van Goor, Charlotte Deen


De chirurgische behandeling van aandoeningen met chronische buik- en bekkenpijn is net als bij acute buikpijn initieel gericht op het wegnemen van de oorzaak. Adhesies als oorzaak voor chronische buikpijn is een onderschat en onderbelicht probleem...lees meer

volgende

Aseksualiteit: empirische bevindingen en theoretische perspectieven, Ellen Van Houdenhove, Luk Gijs, Guy T´Sjoen, Paul Enzlin

In dit tweede artikel van een tweeluik over aseksualiteit wordt dieper ingegaan op empirische bevindingen en theoretische perspectieven met betrekking tot aseksualiteit...lees meer

volgende| vorige |

Nieuws:

De rol van partnerfactoren en gezondheidsfactoren in seksuele achteruitgang en ontevredenheid bij ouderen, Albert Neeleman

Bekkenfysiotherapie bij primair vaginisme, Hester Pastoor

Opinie:

Sexpert: seksuele gezondheid in Vlaanderen, Lisette Kuyper

begin | vorige |

Chronische buik- en bekkenpijn: definities, nomenclatuur en classificatie,  Marjo Ramakers, Bert Messelink

Chronische pijn in buik en bekken komt veel voor. Bij een chronisch pijnsyndroom gaat het om pijn die de alarmfunctie heeft verloren. De pijn is niet gelokaliseerd in een orgaan maar in het centraal zenuwstelsel. Naast pijn kunnen er functiestoornissen in de inwendige organen en seksuele disfuncties bestaan. Disfunctie van de bekkenbodem kan luxerend, oorzakelijk en onderhoudend werken. Op basis van deze kenmerken zal de aanpak van patiënten met chronische buik- en bekkenpijn zowel somatisch als psychologisch dienen te zijn. Eenduidige classificering en nomenclatuur en zorgvuldige multidisciplinaire diagnostiek en behandeling in een bekkenbodemteam is de basis voor effectieve zorg voor deze patiënten.

begin | vervolg | vorige |

Chronische buik- en bekkenpijn: de patiënt bij de huisarts,  Patrick Dielissen, Doreth Teunissen

In dit artikel wordt vanuit een huisartsgeneeskundig perspectief de diagnostiek, de behandeling, de seksuologische aspecten en de samenwerking met andere disciplines besproken ten aanzien van chronische buik- en bekkenpijn. Buik- en bekkenpijnen zijn complexe aandoeningen met een vaak chronisch karakter. De diagnostiek en behandeling is een uitdaging voor huisarts en patiënt. Het is belangrijk de patiënt goed te informeren over de diagnostische onzekerheden en de beperkingen van de behandelingen.

begin | vervolg

De patiënt met chronische buik- en bekkenpijn bij de chirurg,  Harry van Goor, Charlotte Deen

De chirurgische behandeling van aandoeningen met chronische buik- en bekkenpijn is net als bij acute buikpijn initieel gericht op het wegnemen van de oorzaak. Adhesies als oorzaak voor chronische buikpijn is een onderschat en onderbelicht probleem. De snijdend specialist is een belangrijke veroorzaker van adhesies maar kan ook een deel van de oplossing bieden door zich meer toe te leggen op primaire preventie van adhesies en gebruik van anti-adhesieve technieken en middelen bij adhesiolyse. Het levator ani-syndroom en chronische proctalgia vallen onder de definitie van Chronische Pelvic Pain (CPP). Een fysieke oorzaak kan hieraan ten grondslag liggen, zoals een chronische fissuur, recidiverende peri-anale ontstekingen, een verzakking of een beklemming van de bekkenbodem zenuw. Bij een grote groep patiënten kan chirurgie uiteindelijk niet de oplossing bieden en derhalve moeten in een vroeg stadium meerdere disciplines (psycholoog, huisarts, maag-darm leverarts, pijnbehandelaar) betrokken zijn bij de indicatiestelling en behandeling van patiënten met chronische buik- en bekkenpijn.

begin | vervolg | vorige |

Aseksualiteit: empirische bevindingen en theoretische perspectieven,  Ellen Van Houdenhove, Luk Gijs, Guy T´Sjoen, Paul Enzlin

In dit tweede artikel van een tweeluik over aseksualiteit wordt dieper ingegaan op empirische bevindingen en theoretische perspectieven met betrekking tot aseksualiteit. De aseksuele populatie wordt gekenmerkt door een grote variatie in termen van relationele status, relationele ervaring, seksuele ervaring, seksueel gedrag, seksuele beleving en masturbatie. In de literatuur worden verbanden gerapporteerd met aspecten van seksueel functioneren (o.a. seksueel verlangen, subjectieve opwinding), biologische factoren (lengte, fysieke gezondheid), psychologische factoren (alexithymie, sociale terugtrekking) en sociodemografische factoren (o.a. geslacht, religie). Theoretische verklaringsmodellen voor aseksualiteit kunnen in vier groepen worden onderverdeeld: ontwikkelingsmodellen (hechtingstheorie, exotic becomes erotic-theorie, theorie rond verstoorde bijniermaturatie), motivationele modellen (incentive motivation-theorie, biogedragsmatig model over liefde en verlangen), psychopathologische modellen (aseksualiteit als bijproduct van schizoïde persoonlijkheidstoornis of autismespectrumstoornis) en een seksueel oriëntatiemodel (aseksualiteit als vierde seksuele oriëntatie).

begin | vervolg abstract

[vervolg abstract:]

Hoewel elk van deze modellen interessante perspectieven biedt, is er tot op heden geen empirische onderbouwing voor deze modellen. Er is duidelijk behoefte aan meer onderzoek, waarbij we er voor pleiten om het bestaande onderzoek aan te vullen met beeldvormingonderzoek, hormonale analyses en psychofysiologisch onderzoek. Ook de mogelijke impact van een traumatische seksuele voorgeschiedenis verdient onderzocht te worden. Verder kan een crossculturele vergelijking interessante inzichten bieden die tot een beter begrip van aseksualiteit kunnen leiden.

begin abstract | begin | vorige |